De Efteling



________________________De Efteling_____________________

Iedere zomervakantie en vele weekenden gingen mijn oma en ik voor dag en dauw naar de Efteling. Oma werkte in het snoepwinkeltje in de speeltuin en ik had de hele dag om het park te verkennen. Naast het snoepwinkeltje stond de Holle Bolle Gijs. Een uur voor de openingstijd gingen we door de personeelsingang naar binnen.



Een uur later stonden horden dagjesmensen te dringen langs de dranghekken. Als oma te laat was, zag je de parkeerterreinen gevuld worden door de autos van de dagjesmensen. Als ze op tijd was, parkeerde haar grote bak vlakbij de personeelsingang en was het terrein nagenoeg leeg. Ik vond het wel iets hebben, wanneer we langs de lange rijen toeristen liepen en het privilege hadden om zo binnen te kunnen. Zonder pasje en zonder betalen. Langs de weg van Tilburg naar Kaatsheuvel was net genoeg plaats voor autos en bussen in de beginjaren van het park. Later werden nog vele andere parkeergelegenheden gecreëerd...

De fijne dagen in de Efteling hebben geweldige jeugdherinneringen bezorgd en pas vele jaren later heb ik vernomen, waarom mijn oma niet meer in het snoepwinkeltje werkte.

Bij een verkeerscontrole heeft de politie ontdekt dat ze zonder rijbewijs rondreed. Het bleek, dat ze twintig zonder rijbewijs gereden heeft. Als jongetje kan ik me herinneren, dat ze een behoorlijke grote bak had.



Het merk weet ik niet meer, maar het gevaarte nam in de straat de nodige parkeerruimte in. Niemand in de familie was op de hoogte, dat omaatje met mij op de bank, fluitend naar de Efteling in Kaatsheuvel reed zonder in het bezit van een rijbewijs te zijn.

Vrouw rijdt 20 jaar zonder rijbewijs.

Dus dat was een abrupt einde van het Efteling-avontuur.

Deze onverwachte wending ruilde de sprookjeswereld voor de bedompte huiskamer van oma in de van de Coulsterstraat, waar je de wolken van de sigarettenrook kon snijden. Oma heeft zelf deze benauwde omgeving niet meer verlaten en ik kan me niet herinneren, dat ze naderhand nog bij familie op bezoek is geweest. Het zou jaren duren voordat ik de knikkende schildwacht en de andere figuren uit het sprookjesbos terug zou zien. Ik had geen netjes afscheid van hun kunnen nemen.

Het park heeft daarna een stormachtige ontwikkeling doorgemaakt en de ene na de andere mega-attracties schoten als paddestoelen uit de grond.

De gigantische moderne trekpleisters hebben de romantische sprookjes verdrongen.

Het authentieke is vervangen door het moderne, zoals het oude vertrouwde voorleesboek het veld moest ruimen voor Pokémon en andere videospelletjes.

Het leuke is dat de Efteling in tegenstelling tot Disneyland in Parijs wel winst maakt, terwijl de laatste in zijn 25-jarige geschiedenis nauwelijks uit de rode cijfers is kunnen strompelen.

Op weg naar het sprookjesbos rende ik door bos om te kijken of de schildknaap van

het kasteel van Doornroosje al uit zijn 100-jarige slaap was ontwaakt.



Nee, iedere dag zat hij met het plichtsbesef van een ridder te knikkebollen. Het was uiteindelijke dan ook een honderdjarige slaap. Een eeuw. Zou hij al hebben zitten slapen, toen de kwade fee de vloek over de vader van Doornroosje had gesproken? Hoeveel tijd zou al verstreken zijn in die vloek?..... Wat zou de wereld veranderd zijn, als hij wakker zou worden.

Vol verwondering en respectvol bestudeerde ik de zilveren helm en had vaak de neiging om hem een poosje te vergezellen in zijn eeuwige slaap. Om daarna te overpeinzen naar welk volgend sprookje ik me zou spoeden. De dikke kok en zijn knechtje of de Lange Nek of naar de herauten met hun bazuinen.? De lans naast de schildknaap was stevig verankerd in de boom. Dat had ik al ontelbare keren gecontroleerd.

Hoe kon zijn slapend hoofd toch zo bewegen? Welke technisch vernuft zat daar achter? En waar zat het cassettebandje verstopt, dat zijn snurken produceerde De Lange Nek, de paddestoelen met muziek, de vliegende Fakir, de snurkende schildknaap, ik kon er geen genoeg van krijgen. Ik keek mijn ogen uit.




Door de jaren heen evolueerde het attractiepark tot een fenomeen, dat alleen door Disneyworld overtroefd wordt. Desalniettemin blijft het Sprookjesbos de basis van deze wondere wereld. Het Sprookjesbos en de speeltuin.

Even ging ik naar de grote koi-karpers kijken in de gracht, onderaan het kasteel.

Met hun prachtige kleuren, oranje, geelachtig, doorzichtig en zelfs bijna goudachtig. Pas vele jaren later is het kweken van koi-karpers een rage geworden. Dan terug naar de poort voorbij de schildwacht. Door de ronde boog lopende, voelde je, dat iets speciaals naar je toe zou komen. Deze poort met zijn ronde boog heeft me inspiratie gegeven voor verschillende bouwideeën in mijn verdere leven. Ik rende over een steil pad naar de toren, waar Doornroosje lag te slapen. Daarnaast een spinnend oud vrouwtje. Daarnaast de keuken met de kok en het op de grond zittende koks-hulpje. Het jongetje was ternauwernood aan een oorvijg ontkomen, omdat hij een schaal met eten op de grond had laten vallen. Maar die lel om zijn oren zou hij alsnog krijgen na de 100-jarige slaap, als hij zou ontwaken. Of niet?

Nee niet ! Wat blijkt, na latere bezoeken in de Efteling had ik gevoel, dat alles veranderd was en in mijn geheugen alles meer geromantiseerd was. Net als bijvoorbeeld de lange muur in de van de Coulsterstraat, waarachter de kerststallen-maker X………... zijn werkplaats had. Toen ik rond m´n 25ste weer er langs liep, kon ik met mijn uitgestrekte hand op de bovenkant tikken. Als kind liep ik bijna dagelijks langs de immense muur en in de ogen van een kleuter leek het onmogelijk om erop te klimmen. Het angstige besef bekroop me, dat de muur niet veranderd was, maar ikzelf.! Zo ook met de kok en zijn hulpje. Maar gelukkig, mijn jeugdherinneringen blijken dieper te gaan, dan dat ik dacht. De kok en hulpje zijn een later aangepaste versie ( rond 1970 ), omdat het esthetisch niet meer verantwoord was om personeel slaag te geven. De veranderde werkgever-werknemer verhoudingen hebben genoodzaakt, dat de Efteling de keuken in het slot van Doornroosje heeft moeten verbouwen. Bijna was ik bang, dat mijn fantasie een knauw had opgelopen. Poeffff

Door de decennia heen zijn verhalen en vertelsels aangepast, doordat de publieke opinie dat vereiste.! Een mooi voorbeeld daarvan is toen ik in het boek “Kuifje in Afrika” voorbeelden zocht voor een te gaan schilderen plaatje. Het bewust plaatje kreeg ik maar niet gevonden. Ook niet de afbeelding, waarop Kuifje, hangend in een boom boven een neushoorn een gaatje boort in diens rug. Met een grote handboor, maakte hij een opening in diens rug en steekt een dynamietstaaf erin. Je ziet net dat het vlammetje tegen het lontje komt en “Boem”. Weg neushoorn. Ja, nu begrijp ik, dat dierenliefhebbers en natuurliefhebbers hierop gereageerd hebben.



Een ander voorbeeld: Kuifje schiet op een gegeven moment een antilope dood, die achter een heuveltje stond. Het dier komt omhoog en hij schiet opnieuw. De antilope valt dood neer, maar de kop blijft omhoog komen.. Hij schiet nog een keer en nog een keer. De kop blijft terug komen. Hij snapt er niets van en gaat achter het heuveltje polshoogte nemen. Tot zijn verbazing liggen een tientallen dode antilopen op een hoop. Tijden veranderen. In de latere boeken zijn vele veranderingen aangebracht. En terecht.



Wordt vervolgd…….

Reacties

Populaire posts van deze blog

WC met Hartje

Bloedpenis versus Vleespenis

Kaal K*tje